Van kleine baby tot autonoom individu: DEEL 2 Opvoeden in verbondenheid met zichzelf, de ander en de omgeving

Kathleen Leemans
Geschreven door Kathleen Leemans

In het eerste deel van dit artikel ging ik al wat dieper in op autonomie-ondersteunend opvoeden. In dit tweede deel wil ik het hebben over opvoeden in verbondenheid, met name hoe je kind verbonden is met zichzelf, de ander, de materiële en sociale omgeving en de natuur en hoe je daar als ouder op kan inspelen. Wederom, de technieken die hieronder worden aangehaald geven slechts een richting. Hoe je ze als ouder invult of gebruikt, kan je zelf kiezen en is dus ook afhankelijk van je kind.

Vijf cirkels

verbondenheidPeter Jochems stelt in zijn boek dat zinvolle en sterke banden hebben met de dingen om je heen ervoor zorgt dat een kind geen probleemgedrag zal stellen. Als iemand het leven als zinvol ervaart, is die gelukkiger en zal die zich ook een basishouding van respect voor zichzelf, de ander en de omgeving eigen maken.

Bijvoorbeeld in een experiment leerden Antwerpse scholieren enkele trambestuurders beter kennen. Nadien gedroegen ze zich rustiger op de tram als een van deze bestuurders aanwezig waren. Doordat ze verbondenheid voelden met die bestuurder konden ze ook meer respect opbrengen voor deze persoon.

In ons leven krijgen we volgens Peter Jochems te maken met vijf cirkels en dus ook vijf vormen van verbondenheid:

  1. met zichzelf
  2. met de anderen
  3. met de materie
  4. met de samenleving
  5. met de natuur

Je kind zal in elke fase van zijn of haar leven de nadruk leggen op een andere cirkel. Als ouder kan je je kind helpen om verbonden te blijven in deze vijf cirkels. Ook zal de manier waarop je zelf verbonden bent met deze vijf cirkels een invloed uitoefenen op het gedrag van je kind. Zelfreflectie is dus wederom belangrijk!

Tip: Je kinderen zijn je spiegel. Denk eens na over hoe jij omgaat met de natuur. Heb je zelf respect voor planten en dieren? Of hoe je omgaat met materie. Wat doe je als er iets stuk gaat? Probeer je dit dan te herstellen of gooi je het meteen weg?

Verbondenheid ≠ gebondenheid

Gebondenheid gaat om regels en normen die van buitenaf worden opgelegd. Verbondenheid gaat daarentegen over wat binnenin gegroeid is aan zorgzaamheid, respect en goedheid. Denk daarbij ook aan het onderscheid dat gemaakt werd tussen intrinsiek en extrinsiek in deel 1 van dit artikel. Men spreekt dan ook van drie grondlagen in verbondenheid: welbevinden, vaardigheden ontwikkelen en de belangstelling en behoefte van het kind om goed te doen. Ook hier gaat men er dus van uit dat een kind van nature zich open zal stellen en altijd het juiste zal kiezen, als die daar de kans toe krijgt: als de verbondenheid groot genoeg is om voldoende ‘zin’ of welbevinden te hebben om dingen te ondernemen en zo dus de nodige vaardigheden aan te leren of het gevoel te hebben iets te ‘kunnen’.

Tip: laat voelen dat je van je kind houdt. En dit wil zeggen onvoorwaardelijk: ook als je kind eens iets doet dat niet mag, als je kind een slecht rapport heeft, als je zelf boos bent. Raak je kind aan en geef het ook knuffels op die momenten.

Alternatieven voor ‘straf’

– Probeer samen een oplossing te vinden om een probleem aan te pakken. Bijvoorbeeld als je kind niet altijd de tijd neemt om te helpen in de keuken. Spreek samen een paar dagen af dat je kind wel zal meehelpen. Dit kan je ook toepassen voor het uur van thuiskomst na een fuif, of bij kleinere kinderen voor tanden poetsen of tv kijken. Door samen te overleggen, is er meer respect voor elkaars mening en dus ook meer verbondenheid (en meer kans op gehoorzaamheid!) Deze manier van werken vind je ook terug in ons artikel over ‘stop met schreeuwen tegen je kind’ door de communicatie aan te gaan

humor–  Let op je eigen lichaamstaal. Blijf jezelf maar let wel op het gevoel dat je overbrengt op je kind. Oefenen voor de spiegel kan helpen om rustig te blijven.

– Gebruik humor. Maar zorg dat je niet kwetsend bent. Humor en lachen doet alles relativeren en zal ook de verbondenheid vergroten.

– Als het gedrag te ernstig is, bijvoorbeeld bij adolescenten, probeer eens een alternatieve straf uit zoals een wandelstraf. Ga samen wandelen en praat alles eens uit. Of zoals sommige scholen ook toepassen: laat kinderen gemeenschapsdienst doen bij de partijen aan wie ze zich respectloos hebben opgesteld. Door hen beter te leren kennen zal het gevoel van verbondenheid vergroten!

Na het lezen van deze twee artikels heb je hopelijk een beter idee van hoe je je kind op en rustige en respectvolle manier kan aanzetten tot ‘gewenst’ gedrag, en vooral tot het opgroeien naar een zelfzeker en autonoom individu dat respect kan opbrengen voor zichzelf, de ander en zijn omgeving. Pas de verschillende tips en technieken toe, en probeer zelf ook alternatieven te vinden die passen bij je kind. Zoals bij alles: ‘oefening baart kunst’. Er zullen dagen zijn dat het goed gaat, en dagen dat het minder goed verloopt, maar zolang je je er bewust van bent, ben je zeker goed bezig! Succes!

 

Bron:

Boek ‘Opvoeden in verbondenheid’ van Peter Jochems

Over de schrijver

Kathleen Leemans

Kathleen Leemans

Kathleen Leemans (31) is klinisch psychologe en full-time werkende mama van 2 dochters Nora (5) en Annabel (0). Gepassioneerd door wetenschappelijk onderzoek, ballet en haar gezin. Ook volop zoekende naar een weg in het ouderschapslandschap, open minded maar ook kritisch. Haar stokpaardjes: natuurlijk ouderschap, autonomie-ondersteund en onvoorwaardelijk opvoeden. Haar grootste inspiratiebron zijn haar dochters, van wie ze heel veel leert over zichzelf maar ook over de wereld en de verwondering van elke dag. Ze blogt zelf ook op missesleeblog.wordpress.com